Oom Wanja

Première 22 februari 2026, Theater aan het Vrijthof, Maastricht.
Tournee 20 februari t/m 6 juni 2026

De voorstelling duurt 2 uur.

Video-inleiding

Rolverdeling

Oom Wanja - Jeroen Spitzenberger
Maria, zijn moeder - Anneke Blok
Astrov, arts - Jan-Paul Buijs
Alexander, emeritus-hoogleraar - Jaap Spijkers
Jelena, zijn vrouw - Wendell Jaspers
Sonja, zijn dochter uit een eerste huwelijk - Myrthe Huber, Frieda Barnhard
Telegin, bijgenaamd Pudding, huisvriend - Emil Szarkowicz 

tekst Peer Wittenbols naar Anton Tsjechov regie Michel Sluysmans muziek Emil Szarkowicz decorontwerp Michiel Voet lichtontwerp Bart van den Heuvel kostuumontwerp Sabine Snijders dramaturgie Paul Slangen regie assistentie Jolien de Haas productieleiding Tom Berghmans technisch producent Glenn Neyndorff techniek Damien Dassen, Berne Dries, Kenneth Hoven, Bastiaan Reckers (stage), Pepijn Stutterheim, Marc Wijker (1ste inspeciënt)

Michel Sluysmans over Oom Wanja

‘Deze dag is de eerste van altijd en eeuwig hetzelfde leven.’ Dat is de ondertitel die Peer Wittenbols meegaf aan zijn toneelstuk Oom Wanja, dat gebaseerd en geïnspireerd is op het wereldberoemde Oom Wanja dat Anton Tsjechov schreef in 1897. Het stuk is wel eens de komedie van de stilstand genoemd. We maken kennis met zeven personages die allemaal vastzitten in een ongelukkig leven en die niet in staat zijn dat leven om te buigen. Ze willen het misschien wel, of ze zeggen dat ze het willen, maar ze slagen er niet in. Of ze durven het niet. Fysiek doen ze van alles, maar geestelijk staan ze stil. En aan die stilstand lijden ze mateloos. Ze hunkeren naar liefde, maar ze zullen haar niet krijgen. Ze snakken naar zingeving, maar hun bestaan is zonder betekenis.

Wanja woont en werkt al jaren samen met zijn nichtje Sonja, zijn moeder Maria en huisvriend Telegin op het landgoed van de familie. Toen zijn zus, Sonja’s moeder, overleed heeft hij zich over zijn nichtje ontfermd als een soort surrogaatvader. Sonja’s echte vader werkt als professor in de stad en wordt financieel door Wanja ondersteund. Wanja -leren we- is een man die niet tegen verandering kan. Te veel hectiek, druk en drukte kan hij niet aan. Hij is gebaat bij een leven van grote rust en regelmaat. Die worden verstoord als de professor na zijn emeritaat met zijn jongere tweede vrouw Jelena intrekt in het familiehuis. Zowel Wanja’s dagindeling ligt overhoop alsook zijn hart, want hij wordt hopeloos en vergeefs verliefd op Jelena. Dat is het punt waarop Oom Wanja begint.

Alle personages worstelen met een leven dat ze als zinloos ervaren. Wanja ziet de professor, de man die hij jarenlang heeft bewonderd en ondersteund, teleurgesteld zijn in het bestaan en dat confronteert Wanja met zijn eigen mislukking. Het besef dat hij zijn leven in dienst heeft gesteld van een gedesillusioneerde man resulteert in een enorme woede en verdriet richting de professor, maar met name richting zichzelf. De professor worstelt met zijn ouderdom die onomkeerbaar is, de leegte na zijn pensionering die gapend is en het feit dat het leeftijdsverschil met zijn veel jongere vrouw Jelena elk jaar groter lijkt te worden. Jelena zelf heeft haar eigen carrière opgeofferd om een man bij te staan die verworden is tot angstige hypochonder. Ze wordt begeerd door Astrov, de arts, maar ze durft niet voor hem te kiezen, want houden wat je hebt is altijd veiliger dan vluchten naar iets onbekends. Één kus staat ze zichzelf toe, ruiken aan verboden vrucht, met heimwee naar de vrouw die ze ooit was, maar die ze nooit meer zal worden. Astrov op zijn beurt probeert het bestaan dragelijk te houden door te drinken. Hij vindt zijn professie van weinig nut en maakt zich grote zorgen om het milieu. Enige hoop haalt hij uit het planten van bomen; een net geplante boom is een metafoor voor iets wat nu wellicht nutteloos lijkt, maar over 100 jaar betekenis zal krijgen. Sonja is de motor van het familiebedrijf. Zij is degene die het landgoed draaiende houdt en die feitelijk de verzorger is van haar oom. Ze werkt hard, ze vindt zichzelf niet mooi, ze is verliefd op Astrov maar haar liefde blijft onbeantwoord. Uiteindelijk vindt ze een soort wanhopig houvast in haar geloof in een leven na dit leven. Ook Maria, Wanja’s moeder, is gelovig. Ze ziet haar eigen falen als moeder weerspiegeld in het ongeluk van haar familie, maar het besef dat ze haar overleden dochter ooit terug zal zien geeft haar een sprankje hoop. De enige in het gezelschap die zich heeft verzoend met zijn ongeluk is de inwonende huisvriend Telegin. Hij is alles kwijtgeraakt; zijn geld, zijn vrouw en zijn perspectief, maar hij heeft er vrede mee. Hij maakt muziek en zingt liedjes en vormt een fraai contrapersonage ten opzichte van de rest.

Als de professor in het derde bedrijf opwerpt het landgoed, Wanja’s levenswerk, te verkopen breekt Wanja’s zelfbeeld definitief aan gruzelementen, resulterend in enkele mislukte pistoolschoten op de professor en een flirt met zelfmoord. Aan het einde van het stuk vertrekken de professor en Jelena en keren we terug naar de situatie van voor hun komst; Wanja, Sonja, Maria en Telegin wonend en werkend op het landgoed. Allemaal mislukt in het leven, allemaal teleurgesteld in de liefde. Er is in twee uur tijd heel veel gebeurd. Maar er is niets veranderd.

Decorontwerper Michiel Voet ontwierp een mentale ruimte die als metafoor gezien zou kunnen worden van de binnenwereld van al deze personages, en van Wanja in het bijzonder. In eerste instantie zien we een leeg en wit toneelbeeld, een plek van rust en regelmaat. Maar al snel nemen objecten bezit van die ruimte, objecten die òf veel te groot, òf veel te klein zijn; een levensgrote stoel, een piepklein tafeltje, een boom waarvan de top onbereikbaar is. Voet toont een wereld waarin de verhoudingen niet meer kloppen, een wereld die aan het wankelen is gebracht en waartoe de personages zich tegen wil en dank zullen moeten verhouden, om aan het einde van het stuk terug te keren naar het lege beginbeeld.  

Tussen de bedrijven door wordt er door de personages gemusiceerd en gezongen. Wittenbols schreef een aantal liedteksten die door Emil Szarkowicz, die ook de rol van Telegin speelt, op muziek zijn gezet. De liederen zijn nergens concreet of situationeel, maar reflecteren op een melancholische en poëtische manier op de thematiek van het stuk.

Wittenbols’ tekst sprankelt van oneliners en humor. Hij heeft de zwaarte van de thematiek gevat in lichte dialogen waar de grap nooit ver weg is. Met veel humor, liefde en empathie beschrijft hij het geploeter van Tsjechovs diep menselijke personages. Het zijn personages waarin we onszelf en de mensen om ons heen onmiskenbaar gaan herkennen. De problemen waar ze mee worstelen zijn de problemen van ons allemaal; de ondragelijke leegheid van het bestaan, de hunkering naar de liefde, het onvermogen tot verandering, de misschien wel onmogelijk te beantwoorden vraag hoe betekenis te geven aan een leven dat zinloos lijkt. Oom Wanja laat zien dat in die lange periode van bijna 130 jaar, tussen 1897 en 2026, tussen Tsjechov en Wittenbols, de mens feitelijk niets is veranderd. En dat is geruststellend, tragisch, komisch en beangstigend tegelijkertijd.

Meer info en tickets

Zet mij op de wachtlijst

Wenslijstje

Toegevoegd:

Ga naar wenslijstje

Inschrijven voor onze nieuwsbrief of wijzig voorkeuren